September 1944 in Sint-Amands :

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Een veertigtal personen werden te Sint-Amands opgepakt door de Witte Brigade en opgesloten in de gevangenis te Mechelen (sommigen in Breendonk) in afwachting van een proces en veroordeling.Alle namen en de uitgesproken veroordelingen door de Krijgsraad of  het Krijgshof zijn mij bekend maar worden hier niet weergegeven omdat het thema nog te gevoelig ligt.

Ik was getuige toen aan het gemeentehuis te Sint-Amands een ton werd geplaatst waar de vermeende collaborateurs werden getoond en vrouwen het haar afgesneden. Eén na één werden ze vernedert. Er werd met eieren gesmeten en sommigen kregen slagen te verduren, o.a. Maurits Baeck (+), één der voorlopers van het VNV (Vlaams Nationaal Verbond) afdeling Sint-Amands, hij stond op de ton met zijn arm ingewikkeld en zijn gezicht geschonden van de slagen die hij gekregen had. Baeck was thuis opgehaald door de Witte Brigade met een auto van Zjef  Clercq (bouwfirma Jozef  De Clercq getrouwd met Mie Van Grasdorff, familie van mij). Een auto die tijdens de periode 40/44 verdoken was geweest zodat de Duitse overheid de wagen niet kon opvorderen.

Ik was getuige toen “Meen raks” (Borms) van den Dam, op de ton stond met een “lange tong” rond haar nek en het haar dat afgesneden werd.En haar zoon “Zjefke raks” die in bruin kostuum rond liep (Zjefke stierf in Halle in 1993). Een andere broer van Zjefke, Stant (Constant) kreeg levenslang ontzet uit zijn rechten, verbleef lange tijd in Duitsland en huwde er een Duitse vrouw.Kwam later terug naar Belgie, kreeg eerherstel en stierf in 2005 in St-Agatha-Berchem.(De familie van Frans Bruyninckx x Borms Philomeen (Meen raks) verlieten Sint-Amands op 12 juni 1945 om te gaan wonen in Eschene.

Ik was ook getuige wanneer het huis van Jos Daelemans in de Borgstraat werd aangepakt en waar de meubels van boven door de vensters naar beneden kletterden.In de Jan Van Droogenbroeckstraat werd het huis aangepakt van Louis Aerts, beter gekend als “Louis Mantas”.

Ik was getuige wanneer Albert Forsthoff met nog iemand van de Witte Brigade de oorlogsburgemeester Van Assche wilden uit zijn huis halen, het huis tegenover “het sneeke” in de Emile Verhaerenstraat.En de ruzie die daarop volgde met de meid “Fieke” omdat ze die mannen niet wilde binnen laten ! Hier heb ik nog een appart verhaaltje over !

Het bekladden van huizen met een Hakenkruis, o.a. de woning van “meester ”  Zjef  De Witte in de Borgstraat (Zjef gaf les in de gemeenteschool in het 5de studiejaar), en ook de drie woningen van de directeur van het Kouterfabriek in de Kuitegemstraat.Het huis van de oorlogsburgemeester Van Assche in de Verhaerenstraat, de woning van Jos Daelemans in de Borgstraat, de woning van Louis Aerts (Lowie Mantas), enz.

Het lokaal van het VNV waar regelmatig bijeenkomsten werden gehouden was het café van Frans Stevens in de Hekkestraat, café dat einde '44 kort en klein geslagen werd.Het is daarna ook nooit meer als café gebruikt geweest.Frans Stevens, afkomstig van Mariekerke, was te Sint-Amands getrouwd met De Smet M.Th. uit Mariekerke en was de schoonbroer van Maurits Baeck die getrouwd was met een zuster van De Smet.En een andere zuster, Anna De Smet was getrouwd met Maurice Quintijn, gebuur van Frans Stevens in de Hekkestraat. Alle vier waren lid van het VNV.

Ernest Servaes uit de Borgstraat, sneuvelde op 2 november 1942 in Rusland in de omgeving van Malgobeck als soldaat bij het Vlaams Legioen Viking, een afdeling van de Duitse SS. Nest Servaes was amper 22 jaar oud.

En dit alles is maar een gedeelte van de toestand 1940/45 en later.

Wat mij het meest bijgebleven is uit de periode 1940/45 is de wonde die ik heb opgelopen tijdens het “kolen boenken”.Mijn ouderlijk huis was gelegen in de Buisstraat , het derde huis over den bareel richting Keeten, en op een 50tal meter van de spoorweg Antwerpen - Dendermonde. In de periode 40/45 was er een gebrek aan kolen en wanneer een trein geladen met kolen te Sint-Amands stopte, dan kropen er mensen op die wagens, smeten de briketten naar beneden en daar raapte iemand van de familie die briketten op, werden in een zak gestoken en iedereen verdween met zijn buit zo vlug mogelijk. Het moest vlug gaan want de rijkswacht van Puurs kwam dan naar Sint-Amands, nog per fiets, maar daartegen was iedereen al verdwenen. Als jonge snotneus hielp ik mijn oudere broers met briketten in de zak te steken toen er plots iemand van op de trein een briket gooide die ik op mijn hoofd kreeg.Het waren van die grote zware briketten en het resultaat was, dat mijn broer mij onmiddellijk, per fiets en mijn gezicht vol bloed, naar dokter Van De Casteele bracht die mij verzorgde en de wonde naaide. En zo heb ik nu nog altijd in 2017 het litteken van ongeveer 10 cm boven mijn linker oog. Een blijvende herinnering aan 1940/1945 !

Veel gegevens over deze periode 1940-1945 en later, heb ik bewaard, de gebeurtenissen te Sint-Amands tijdens deze periode, de processen en de veroordelingen door de Krijgsraad en het Krijgshof, de straatrepressie, alles is gebundeld in een lijvige documentatie met veel documenten, maar wacht voorlopig nog op publicatie aangezien de gevoeligheid die er nog bestaat over dit thema en deze periode.

Een besluitwet van 04 september 1945 gaf eenieder de kans om voor het Krijgshof te Brussel in beroep een strafvermindering te vragen.

Een besluitwet van 19 september 1945 had bepaald dat iedereen die lid was van een verboden organisatie zoals het VNV, REX of de DE VLAG op de lijst van collaborateurs werd gezet en hierdoor een deel van zijn burgerrechten kwijtraakte.

 

Nabeschouwing :

Het grote voordeel van de geschiedschrijving blijft dat die steeds achteraf wordt geschreven.We weten het altijd nadien.

Zo weten we nu ook dat in alle bevolkingslagen een latente collaboratie domineerde.
Slechts zeer traag, en bij velen zelfs nooit, is het dubbelspel van de Duitse bezetter tot hen doorgedrongen.De verplichte tewerkstelling heeft buiten alle twijfel ook tot een grotere weerstand geleid al was die in veel gevallen meer grijs dan wit.
Veel collaboratie gebeurde beslist om den brode en anderzijds was er voor velen de moeilijke keuze : zijn nek uitsteken of gewoon afwachten en kijken waar men het meeste profijt kon uithalen.Ook het verzet heeft in veel gevallen meer last bezorgd dan goed gedaan.De boodschap bleef : alles proberen om toch maar te kunnen overleven.

Het blijft hoe dan ook een bladzijde uit onze geschiedenis van Sint-Amands die we beter zo vlug mogelijk omdraaien.

 

Over eerherstel of algemene amnestie :

België is ziek van zijn jaren veertig. Het lijdt aan een neurose die door de collaboratie en de bestraffing daarvan is verwekt. Geregeld laait de koorts weer op.Ook nu weer door de Minister van Justitie Stefaan De Clerck onlangs gedane uitlating (mei 2011) over algemene amnestie zorgt weer voor beroering.

(De collaboratie van tijdens de Tweede Wereldoorlog vergeten, zoals minister van Justitie Stefaan De Clerck (CD&V) suggereerde, zou neerkomen op "het herschrijven van de geschiedenis" en zou getuigen van "revisionisme". Dat zegt MR-senatrice Christine Defraigne. Ook Ecolo verzet zich tegen de suggestie.De MR-senatrice voelde zich naar eigen zeggen al beledigd door het feit dat de Senaat donderdag besliste om een wetsvoorstel van het Vlaams Belang rond amnestie in overweging te nemen).

Algemeen eerherstel heeft anders dan bij een amnestiemaatregel geen terugwerkende kracht.

Een voorstel voor Wetswijziging werd reeds in 1992 en laatst in 1995 naar voor gebracht : zie hier onder en verder

Op 13 juli 1995 is er een Wetsvoorstel tot aanvulling van het Wetboek van Strafvordering

Aanvankelijk tussen 1945 en 1947 zag het er naar uit dat men de collaborateurs, ook de politieke, voorgoed uit de maatschappij wou verwijderen. Een tijdelijke vrijheidsberoving bleek onvoldoende. De epuratie zorgde ervoor dat bijna honderdduizend burgers alle rechten verloren die hen op één of andere manier bij het openbare leven konden betrekken.

Die burgerlijke doodstraf trof niet alleen de grote collaborateurs maar ook een aantal burgers die in geringe mate en om diverse redenen op de ene of andere wijze in de collaboratie waren beland. Voor ongeveer de helft van die honderdduizend « weggezuiverden » is de ontzetting uit de rechten bovendien buiten elke vorm van proces uitgesproken. Een simpele inschrijving op de lijst van de krijgsauditeur volstond.

Begin 1947 drong een nieuwe visie de repressie binnen. Men zou de politieke delinquenten wederopvoeden, zodat ze na verloop van tijd toch weer een plaats in de maatschappij zouden kunnen innemen. Voor tienduizenden stond het verlies van de burgerrechten op dat ogenblik echter reeds elke vorm van reïntegratie in de weg. Velen waren trouwens reeds opgenomen in allerlei netwerken van ex-collaborateurs, waarbinnen verbittering en revanchisme de groeibodem vormden voor een virulent anti-belgicisme dat tot op heden nog steeds een realiteit is.

In 1950 moest dan ook worden vastgesteld dat de Belgische afrekening met de collaboratie mislukt was.En de enige andere weg naar een oplossing : algemene amnestie, lag versperd met onoverkomelijke hindernissen.

Terwijl in Frankrijk en Nederland in het begin van de jaren vijftig algemene amnestie werd verleend voor politieke collaboratie, was in België de ervaring met de nasleep van het activisme een eerste grote hinderpaal. De amnestie, die de activisten in de jaren dertig verwierven, leidde niet tot de grote verzoening met het Belgisch feit. Integendeel ! Met het gevolg dat velen recidiveerden tijdens de tweede wereldoorlog. Amnestie was na 1945 bijgevolg een verbrand begrip.

Dat de repressie in België bovendien in de greep kwam van de partijpolitiek vormde een tweede handicap.

De vraag is of op dit ogenblik amnestie in dit land nog even volkomen onbespreekbaar is. De regering Martens VIII had in 1988 in haar regeerakkoord een passus opgenomen, die onder het hoofdstuk « Justitie » als tiende punt stelde : « De Regering zal, in het kader van de pacificatie tussen de Gemeenschappen, maatregelen bestuderen die bijdragen tot de verzoening tussen alle burgers. »

Behoort amnestie tot één van deze mogelijke maatregelen ?

Meer dan vijftig jaar na de feiten moet men nuchter, zonder passie, kunnen vaststellen dat de collaboratie inderdaad veel leed heeft veroorzaakt maar dat ook in de repressie veel onrecht werd aangedaan. Zo'n vierhonderdduizend burgers, tegen wie in drie op vier gevallen zonder reden een aanklacht was ingediend hebben maanden in angst en onzekerheid geleefd.

De meesten zijn nooit voor de rechter verschenen omdat hen uiteindelijk niets ten laste kon worden gelegd. Velen daarvan werden nochtans enige tijd geïnterneerd of in hun beroepsleven door administratieve tuchtstraffen geplaagd. Tienduizenden zijn wél schuldig bevonden, de enen voor een rechtbank, de anderen na een summier onderzoek door de krijgsauditeur.

Er is op sommige momenten en in sommige streken veel te streng gestraft, zeker in het geval van de politieke collaboratie was het inderdaad al te dikwijls een repressie « zonder maat en zonder einde ».

Een stuk van dit onrecht werd in de loop der jaren weliswaar, het zij slechts druppelsgewijs, door een aantal mini-maatregelen van juridische aard en via het sociaal dienstbetoon van politici weggewerkt. Beetje bij beetje werd in een aantal gevallen gratie, eerherstel en vervroegde invrijheidstelling verleend.

Pensioendossiers werden individueel « geregeld ».

In het Wetboek van Strafvordering wordt een artikel 619 bis ingevoegd, luidende :

« Artikel 619 bis. Veroordelingen tot correctionele straffen en tot criminele straffen, opgelopen wegens misdrijven gepleegd tijdens de periode van 1 september 1939 tot 31 december 1945, worden uitgewist met ingang van het van kracht worden van dit artikel, onverminderd het herstel in eer en rechten dat de veroordeelde zou hebben bekomen overeenkomstig de artikelen 621 en volgende van dit Wetboek. »

Art. 3

Artikel 621 van hetzelfde Wetboek, gewijzigd bij de wet van 12 juli 1984, wordt aangevuld met een tweede lid, luidende :

« Een veroordeelde die herstel in eer en rechten heeft bekomen betreffende een veroordeling bedoeld bij artikel 619bis , evenals de veroordeelde wiens straf bij toepassing van dat artikel is uitgewist, kan een nieuw herstel in eer en rechten bekomen, ongeacht de termijn die sinds het hierbij bedoelde herstel in eer en rechten of de uitwissing van de veroordeling is verstreken. »

 

Belgische Senaat BUITENGEWONE ZITTING 1995 op 13 JULI 1995

Wetgevingsstuk nr. 1-61/1, Ingediend door Bert Anciaux, Jan Loones en Christiaan Vandenbroeke  

 

Men wilde algemene amnestie.Er is een zakelijk alternatief voor amnestie : algemeen eerherstel.

Algemeen eerherstel schakelt de nog steeds nawerkende gevolgen van de repressie voorgoed uit : het brengt herstel in burgerrechten, vermijdt dat de veroordeling vermeld wordt op uittreksels uit het strafregister of op attesten van achtenswaardigheid ten behoeve van kinderen of kleinkinderen, heft het verbod op om het land binnen te komen en dergelijke.

In combinatie met de opheffing van de nog invorderbare boeten en van de nog resterende sekwesterdossiers, kan eerherstel de erfenis van de repressie grotendeels wegwerken.

Algemeen eerherstel heeft bovendien anders dan bij een amnestiemaatregel geen terugwerkende kracht.

(1) Dit wetsvoorstel werd in de Senaat reeds ingediend op 4 februari 1992, onder het nummer 138-1 (B.Z. 1991-1992).

 

Amnestie

De wet-Vermeylen uit 1961 voerde een amnestieregeling in. Veroordeelden tot minder dan drie jaar werden automatisch in al hun rechten hersteld. Veroordeelden van drie tot 10 jaar werden in al hun rechten hersteld indien ze een verzoekschrift indienden waarin ze verklaarden de wetten te zullen nakomen. Bij veroordeelden tot langer dan 10 jaar was een aanvraag voor de rechtbank nodig. De wet gaf evenwel veroordeelden tot meer dan vijf jaar niet het recht terug om te stemmen en verkozen te worden. Een klein aantal personen weigerde om principiële redenen gebruik te maken van de mogelijkheden van deze wet om amnestie te verkrijgen.

 

Tot vele jaren na de oorlog kon het voorkomen dat iemand moest bewijzen dat hij of zij gedurende de oorlog 1940/45 zich op een “voordelige” wijze had gedragen. Met andere woorden, “dat hij of zij geen lid geweest is van het V.N.V.” of niet Duitsgezind is geweest.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Bronnen :

Stanny Van Grasdorff, Parlementaire Handelingen, Kamer van Volksvertegenwoordigers, 28 juli 1961.

Stanny Van Grasdorff, (SOMA) Studiecentrum voor oorlogsdocumentatie en maatschappij, collaboratie, Brussel , en Gemeentearchief  Sint-Amands. Persoonlijke belevenissen tijdens mijn (verloren) jeugd te Sint-Amands in de periode 1940/1945 en later.

Getuigenis van mijn oudere broer Freddy Van Grasdorff  ° St-Amands 18.01.1922, oorlogsvrijwilliger, gewapend weerstander/strijder, lid van de Witte Brigade, zie.  

 

 

Dit mag men ook niet vergeten :

De verzetsbeweging De Zwarte Hand, die actief was in Klein-Brabant en de Rupelstreek, werd in 1940 opgericht door de Tisseltse goudsmid, horlogemaker en koster Marcel De Mol.

Een lijst met de namen en foto's van de leden van De Zwarte Hand kwam door verraad in handen van de Duitse bezetter. Zo konden op 27 oktober 1941 alle 111 leden van De Zwarte Hand op één dag gearresteerd worden.

Het begin van bijna vier jaar gruwel in de concentratiekampen, waar velen het leven lieten.

Slechts 37 van hen overleefden de concentratiekampen, o.a.Franske Maes uit de Buisstraat te Sint-Amands, een gebuur van mij.

 

Stanny Van Grasdorff.Document uit mijn persoonlijk archief en verzameling 1940/1945.

Terug naar startpagina

Document uit mijn verzameling documenten oorlog 1940/45

Documentatie uit mijn verzameling documenten 1940/1945.

Document uit mijn verzameling oorlogsdocumenten

Méér uit mijn verzameling : klik hier

 

Herinneringen uit mijn (verloren) jeugd in mijn geboortedorp Sint-Amands.