Leerbewerking te Sint-Amands, "de Tannerie"
In 1896 kwam de fabriek S.A.Tannerie et Corroierie de Saint-Amands-Lez Puers tot stand, in de volksmond gekend als "de Tannerie". Het werd beheerd door de heer Bovy die afkomstig was uit het Luikse en was de grootste leerlooierij uit het dorp. Nadien was de heer Van de Laak, een Nederlander, directeur. Franciscus Martinus Van de Laak was afkomstig van Vught in Nederland en daar geboren omstreeks 1885. Hij was gehuwd met Catharina Wilhelmina Maria Besier die afkomstig was van Waalwijk in Nederland, daar geboren circa 1892. Ze woonden te Sint-Amands in de Borgstraat en kregen hier vier van in totaal 9 kinderen, Maria Cornelia Francisca, Cornelia Hendrika Petronella, Gertrudis Petronella Maria en Anna Josepha Maria. De familie Van de Laak verliet de gemeente tijdens de tweede wereldoorlog omdat de fabriek toen stilgelegd werd, en werd opgevolgd door Adrien Van Den Bossche. In het jaar 1946 verschafte dit bedrijf zowat aan een 100-tal mensen een broodwinning. Het vijftigjarig bestaan werd toen ook gevierd en een groepsfoto gemaakt van directie en het personeel.In de jaren vijftig rendeerde de tannerie niet goed meer en werd tenslotte gelikwideerd in 1959. De gebouwen bleven nog wel een tijdje staan. In die periode waren er ook vier schoenfabrieken bedrijvig. Er bestond toen ook een gilde van de leerbewerkers. Het gildevaandel bestaat nog steeds en draagt het jaartal 1893 wat doet vermoeden dat de gilde reeds actief was te Sint-Amands voor het in gebruik nemen van de tannerie, vermoedelijk voor kleinere bedrijven. Het gildevaandel zou bewaard worden door het Oppuurse echtpaar Mertens-Van Calster.
Een origineel aandeel van de Tannerie. Aandelen zijn van ná 1944.
Oprichters : les consorts Van Stappen qui ont fait l’apport de tout l’actif de l’ancienne firme Jean Van Stappen - Delplanque.
Tanneries de Saint-Amand-lez-Puers. Siège social : Saint-Amand-lez-Puers (province d’Anvers). Registre du Commerce de Malinnes n° 671. Constituée : 20 octobre 1902 sous la dénomination Tannerie et Corroierie de Saint-Amand-lez-Puers.
De vooroorlogse aandelen van de Tannerie waren waarschijnlijk allemaal in handen van de familie " Van Stappen" .
Joannes Franciscus Van Stappen was huidevetter toen hij te Sint-Amands in 1857 trouwde met Clementia Delplanque. Ook de vader en de grootvader van Joannes Franciscus waren huidevetters.Het zat dus in de familie. En ook de voorouders van Clementia, afkomstig van Hingene, waren huidevetters. Eén zoon, Josephus Amandus (Zjef) Van Stappen trouwt in 1900 te Aarschot met Maria Josepha Ludwina Noppen, een Aarschotse schone. Het is deze Zjef Van Stappen die in de villa Van Stappen, wat later het huidige gemeentehuis zal worden, een schachten- of gettenfabriek begint.
Ná WO II was er bij wet een verplichte omwisseling van practisch alle lopende aandelen en obligaties, gelijkaardig aan deze voor de bankbiljetten. Na de oorlog werd geen enkel dividend meer uitgekeerd. Niet erg winstgevend dus voor de aandeelhouders.(er zijn natuurlijk andere manieren om zonder dividenden geld uit een firma te halen : remuneratie bestuursmandaten, tantièmes, onkostenvergoedingen, etc.)
De Tannerie is nooit beursgenoteerd geweest, de kouterfabriek (SAPFIA) wel, tot 1950. De laatste dividenduitkering in 1946 was 30 Frank via coupon n° 31 van de vooroorlogse aandelen.
Nog enkele wetenswaardigheden over de "Tannerie". Er is in 1928 een 2-maanden durende spontane staking geweest voor hogere lonen. De directeur Van de Laak gaf echter geen duimbreed toe. Deze gebeurtenis bracht de hele gemeente in rep en roer. Zestien weken duurde de staking. Na de oorlog lag het maanden stil en was bezet door het Engels leger, die het gebruikte als verblijfplaats voor Engelse soldaten. Er waren ook problemen met het kouterfabriek, omdat door de rook die het fabriek uitstootte, de Tannerie geen lakleder kon produceren dat in open lucht moest drogen.
De huidevetterijen in het dorp gaven wellicht de impuls aan de schoennijverheid. Zo begon Jozef Van Stappen-Noppen een schachten- of gettenfabriek waar zich nu het gemeentehuis bevindt (was gekend als "de villa Van Stappen", gebouwd door Jozef Van Stappen en in 1939 verkocht aan de gemeente).
In de jaren 20 kwamen er twee pantoffelfabriekjes bij in het dorp, Frans Bogaert op den Dam, en Frans Augustinus in de toenmalige Borgstraat.
De gebroeders Van Praet hadden vóór de oorlog een schoenfabriek in de Hekkestraat, dat later overgebracht werd naar de Dendermondse Steenweg.In die zelfde periode startte de familie Maes-Pauwels in de Buisstraat met een schoenfabriek dat in 1948 als naamloze vennootschap de naam GUMA kreeg. In die periode gaven zij werk aan een 100-tal arbeiders.
Bronnen :
Sint-Amands, Gemeentearchief, schepencollege en gemeenteraad, registers burgerlijke stand.
Hertsens Yolande, Geschiedenis van Sint-Amands, blz 189-190.
Lucien Huyge, oud-Sint-Amandsenaar, met dank voor informatie over de Tannerie.
Baetens R. , Industriële Revolutie in de Provincie Antwerpen, Antwerpen 1984, blz 123.